Doorgaan naar hoofdcontent

De roofmoord in Huisje te Halfwegen

Ik stuitte in de archieven op een rechtszaak uit 1798 over de brute moord op herbergier Lagerweij en zijn vrouw in 'Den laetsten Stuiver' aan de Halfweg, nu Oude Haagweg. 

De herberg 'Den laetsten Stuiver', ook wel Huisje te Halfwegen, was eenzaam gelegen aan de Halfweg, het stuk Oude Haagweg tussen pakweg Kamperfoeliestraat en Laan van Eik en Duinen. In de nacht van 17 op 18 oktober 1798 drong de bende het huis binnen, gewapend met stokken en knuppels met ijzer- en koperbeslag. Zij sleurden de 'bejaarde lieden' Arend Lagerweij en zijn vrouw Johanna van den Hogenberg (55 en 41!) de bedstee uit, en sloegen hen de hersens in.

De moordenaars rukten de knopen van de borstrok van de dode man en doorzochten de bedstede, kasten en kisten op verdere kostbaarheden. De buit, onder meer zilveren lepels en vorken, gouden ringen, zilveren broekgespen, een zilveren beugeltas en contant geld, stopten zij in een laken en verdeelden zij.

Raam

Een jaar later nam de bende Willem Boom te grazen, een postillon die met een valies met geld op weg was van Haarlem naar Leiden. Deze moord was al net zo wreed. Zij beroofden de man, sleurden hem van zijn kar, knepen zijn keel dicht en gooiden hem in het water, samen met zijn kar en paard.

In 1804 brak de bende in bij het echtpaar Doesburg in Nieuwerbrug. Hun logĂ©, ene Jan Hendrik Himmelgarten, beweerde dat hij de bewuste nacht niets had gehoord. Hij vertrok voordat de politie er was. Die constateerde dat het open raam dat de bewoners 's ochtends hadden aangetroffen, van binnenuit was geopend. Was dat het werk geweest van Himmelgarten? 

De 'koe- en paardemeester' (veearts) had een goede reputatie. Hij stond er om bekend dat hij breuken kon genezen, vooral van kinderen. Zo was hij terechtgekomen bij het echtpaar Doesburg, wiens kind hij behandelde.

Brein
Himmelgarten kwam opnieuw in beeld bij de politie toen een paar scharenslijpers een inbraak in Alphen bekenden, en hem aanwezen als de aanstichter. Hij werd aangehouden. Tijdens een gezamenlijk verhoor met de scharenslijpers vlogen de beschuldigingen over en weer. 

Opeens vielen ook de woorden Loosduinen en postillon, en bleek Himmelgarten niemand minder dan het brein achter de bende, een groep mannen en vrouwen zonder vaste woon- of verblijfplaats die ruim negen jaar rovend en moordend door het land waren getrokken (in de volksmond werden zij 'de zwartjesbende' genoemd).

Himmelgarten was 39 jaar toen hij werd geradbraakt en opgehangen. Een aantal andere bendeleden onderging hetzelfde lot. 

Bronnen:
- Christemeyer's verhalen uit het strafrecht (1843, hoofdstuk over de zwartjesbende)
- Scholenkaart gemeente Den Haag (?1906, hier staat de Halfweg op)



Reacties

Populaire posts van deze blog